Tel alle delen op, deel ieder ingrediënt door het totaal en vermenigvuldig met 100. Een wierookrecept van 2:1:1 telt vier delen. De uitkomst is 50%, 25% en 25%. Pas daarna zet je de percentages om naar grammen voor je gekozen batchgewicht.

Een “deel” is geen vaste lepel of gram. Het beschrijft alleen de verhouding. Daardoor kun je hetzelfde recept nauwkeurig naar 10, 20 of 50 gram omrekenen.
Schrijf de ingrediënten altijd in dezelfde volgorde als de getallen. Bij “houtbasis : aromaat : binder = 2 : 1 : 1” is meteen duidelijk welk percentage bij welk poeder hoort. Een losse cijferreeks zonder namen is een rekenfout die nog moet gebeuren.
De formule in één regel
Gebruik per ingrediënt: aantal delen ÷ totaal aantal delen × 100 = percentage. Controleer daarna of alle percentages samen 100% vormen. Kom je op 99,9% of 100,1% door afronding, bewaar dan de ongeronde uitkomst tot de laatste rekenstap.
Geef ieder deel eerst een duidelijke naam. “2 delen basis, 1 deel aromaat, 1 deel binder” is bruikbaar. Alleen “2:1:1” wordt snel verwisseld wanneer je later de volgorde niet meer weet. De functies van die groepen staan bij wierookingrediënten.
Voorbeeld: 2:1:1 naar percentages
Tel 2 + 1 + 1 op. Het totaal is 4. Het eerste ingrediënt neemt 2 van de 4 delen in: 2 ÷ 4 × 100 = 50%. De twee andere ingrediënten nemen ieder 1 van de 4 delen in: 1 ÷ 4 × 100 = 25%.
Voor een droge batch van 10 gram vermenigvuldig je ieder percentage met 10 gram. Dat geeft 5 gram, 2,5 gram en 2,5 gram. De controle is eenvoudig: 5 + 2,5 + 2,5 = 10 gram.
Voorbeeld met een half deel
Bij 1:0,5:0,5 is het totaal 2 delen. Het eerste ingrediënt is 1 ÷ 2 × 100 = 50%. Beide halve delen zijn 0,5 ÷ 2 × 100 = 25%.
Een half deel betekent dus niet automatisch een halve gram. Kies je een batch van 20 gram, dan worden de gewichten 10, 5 en 5 gram. Kies je 8 gram, dan worden ze 4, 2 en 2 gram. De verhouding blijft hetzelfde.
Voorbeeld: 3:2:0,5
Tel eerst 3 + 2 + 0,5 = 5,5 delen. De percentages zijn ongeveer 54,55%, 36,36% en 9,09%. Samen is dat 100%. Voor een batch van 11 gram krijg je een mooie controle: 6 gram, 4 gram en 1 gram.
Voor een batch van 10 gram zou dezelfde verhouding 5,455, 3,636 en 0,909 gram vragen. Kan je weegschaal alleen per 0,1 gram meten, dan rond je bijvoorbeeld af op 5,5, 3,6 en 0,9 gram. Tel na: samen is dat 10,0 gram.
Water hoort niet in de droge 100%
Maak van houtbasis, aromatisch materiaal en binder samen 100%. Noteer water op een aparte regel. De benodigde hoeveelheid kan veranderen door maling, vocht in de grondstoffen en de vorm die je maakt.
Als je water in dezelfde percentagesom stopt, verschuift ieder droog aandeel zodra je later een extra druppel nodig hebt. Dan kun je twee droge formules niet meer eerlijk vergelijken. De voorbeelden bij wierookrecepten houden de droge basis daarom apart van de watergift.
Rond af op wat je weegschaal aankan
Een schaal met stappen van 1 gram kan geen 0,4 gram betrouwbaar afwegen. Vergroot in dat geval de batch of kies een verhouding die op jouw schaal meetbaar is. Schijnnauwkeurige cijfers maken een recept niet preciezer.
Rond eerst de gramwaarden af, tel ze opnieuw op en noteer het werkelijke totaal. Voeg een ontbrekende 0,2 gram niet gedachteloos aan de binder toe. Kies een bewust ingrediënt, gebruik een grotere batch of accepteer een duidelijk genoteerde kleine afwijking.
Reken percentages terug naar grammen
De omrekening is: percentage ÷ 100 × batchgewicht = gram. Bij 30% in een batch van 20 gram is dat 0,30 × 20 = 6 gram. Gebruik de Mixmaker voor deze stap en controleer de som zelf nog één keer.
Bewaar naast de gramversie altijd de oorspronkelijke verhouding en de percentages. Dan zie je later meteen of een nieuwe 50-gram batch werkelijk dezelfde droge formule heeft of dat een afronding onderweg is veranderd.
Verander je later één aandeel, normaliseer dan de hele nieuwe verhouding opnieuw naar 100%. Trek niet zomaar vijf procent van een willekeurig ingrediënt af; schrijf eerst de nieuwe delen uit en voer dezelfde somcontrole opnieuw uit.